| Projectors |
|
De juiste projector in 10 vragen
De projectorenmarkt is aan een opmars bezig. Ze komen in alle soorten en maten, maar wat is nu precies het verschil tussen al die modellen? Waar gewicht vroeger misschien wel de enige manier was om projectoren van elkaar te onderscheiden, zijn er vandaag heel wat meer en veel nuttigere categorieën om deze toestellen in te delen. Classificaties zijn onder meer mogelijk op basis van het gebruik (zakelijke presentaties, home cinema en gamen), de technologie (LCD, DLOP, LCOS) of de throw ratio (hoe dicht de projector bij het scherm kan staan). Op de volgende pagina’s zullen we aan de hand van een aantal mogelijke eigenschappen proberen af te leiden welke projector het best aan je noden beantwoordt.
1) Wat wil je tonen?
Er zijn in essentie vier soorten beelden die je kunt projecteren: data, video, foto’s en games. Er is geen enkele projector die bepaalde beelden niet kan tonen, maar elke projector heeft wel zijn specialiteit. Je wilt dan ook een projector die het meest aan je noden beantwoordt. De meeste projectoren worden verkocht als een dataprojector of een projector voor je home cinema. Gameprojectoren vormen een kleinere categorie, al is die markt aan het groeien. Zoals je wellicht uit de naam kunt afleiden, zijn dataprojectoren het meest geschikt voor de projectie van data, zoals presentaties, rekenbladen en PDF-bestanden, terwijl home cinema-projectoren beter overweg kunnen met videobestanden. Daaruit kun je meteen afleiden dat die laatste categorie ook het meest geschikt is om foto’s te projecteren.
2) Hoe draagbaar moet een projector zijn?
Projectoren zijn er in alle maten en gewichten. Je vindt modellen die nauwelijks iets wegen en in je hemdzakje passen, maar ook grote, massieve toestellen die alleen geschikt zijn om ergens vast te installeren. Als je een dataprojector wilt die je mee kunt nemen naar vergaderingen, een gameprojector die gemakkelijk mee te nemen is naar vrienden of een home cinema-projector die opgeborgen kan worden als je hem niet gebruikt, dan moet je met deze factor rekening houden. Hoe meer je hem mee wilt sleuren, hoe lichter en slanker hij moet zijn.
3) Welke resolutie moet hij hebben?
In het ideale geval zou de standaardresolutie van de projector (het aantal fysieke pixels in de scherm van de projector) gelijk moeten zijn aan de resolutie die je het meest denkt te gebruiken, of je de projector nu aan je pc, een videobron of een gameconsole aansluit. Projectoren kunnen beelden dan wel up- en down scalen naar hun standaard resolutie, maar daarbij moeten ze altijd inboeten aan beeldkwaliteit Wie vooral van plan is om data te tonen, houdt best rekening met het beelddetail. Voor een doorsnee PowerPoint-presentatie is SVGA (800 bij 600) voldoende; bovendien is een SVGA-projector goedkoper. Maar hoe gedetailleerder de beelden, hoe hoger de resolutie moet zijn. Voor video is 1.080p (momenteel de standaard in High Definition-beelden) duidelijk de beste keuze, of toch als we ervan uitgaan dat je een Blu-ray-speler, een upscalende dvd-speler of een ander 1.0801p-toestel hebt. Hou er wel rekening me wanneer je de projector aan de decoder aansluit, de meeste zenders nog steeds een lagere resolutie zullen hebben. Ga dus ook na hoe goed de projector met die resoluties om kan gaan.
4) Is breedbeeld nodig?
Voor video’s en games zul je zo goed als zeker een breedbeeld willen. Zelfs voor dataprojectoren worden breedbeeldresoluties steeds gangbaarder. Als je je presentaties opstelt op een notebook of computer met breedbeeldscherm, zien ze er ook beter uit als ze in breedbeeld geprojecteerd worden.
5) Hoe helder moet een projector zijn?
Er is niet echt één maatstaf voor helderheid. Het is in elk geval niet zo dat helderder altijd beter is. Voor een home cinema-projector die in een donkere kamer staat, kan een projector met 1.000 tot 1.200 lumen een helder, groot beeld geven, terwijl een projector van 2.000 lumen misschien zo fel is dat het pijn doet aan de ogen. Anderzijds is een draagbare projector die in goed verlichte ruimtes gebruikt wordt beter aaf met een lumen van 2.000 tot 3.000. Het meest geschikte helderheidniveau hangt dus in sterke mate af van de hoeveelheid omgevingslicht, de grootte van het beeld en zelfs het materiaal van het scherm waarop je projecteert. Als je een projector koopt om ergens permanent te plaatsen, lijkt het ons dan ook de beste gok om informatie in te winnen bij iemand die kennis van zaken heeft en die jou kan zeggen wat je nodig hebt.
6) Neem contrastratio niet te serieus
Contrastratio is de verhouding tussen de helderheid van de felste en donkerste gebieden die een projector kan produceren. Een hogere contrastratio betekent dat kleuren meer levendig zijn en dat er meer details te zien zijn in de donkere delen van het scherm. Omdat er echter ook andere factoren meespelen, is het niet erg verhelderend om de contrastratio te kennen.
7) Welke connecties zijn er nodig?
De meeste projectoren bieden op zijn minst een SVGA-verbinding (analoog) aan voor een computer en een composietvideo-aansluiting. Heeft je computer een digitale uitgang (doorgaans DVI of HDMI), dan wil je misschien ook wel een digitale aansluitmogelijkheid op je projector. Dat sluit alle problemen uyit, zoals ‘pixel jitter’, dat veroorzaakt wordt door een slechte synchronisatie van het signaal. Voor videobronnen is HDMI de aansluiting bij voorkeur, ervan uitgaand dat je videotoestellen HDMI-connectoren hebben, met componentvideo als goede tweede. Weet ook dat er kabels bestaan die een HDMI-ingang hebben aan de ene kant en een DVI-aansluiting aan de andere.
8) Welke technologie moet je kiezen?
De huidige projectoren zijn gebaseerd op een van de vier beeldtechnologieën: DLP; LCD; LCOS en raster laser. Verwar raster laser-projectoren, die afbeeldingen daadwerkelijk tekenen aan de hand van lasers, trouwens niet met projectoren die lasers gebruiken als lichtbron voor een andere beeldtechnologie als DLP of LCOS. De goedkoopste DLP-projectoren en sommige picoprojectoren op basis van LCOS projecteren hun primaire kleuren sequentieel in plaats van allemaal tegelijkertijd. Dat geldt zowel voor data- als videoprojectoren. Daardoor krijg je een regenboogeffect, met lichte gebieden op het scherm die in regenbogen veranderen wanneer je je blik verandert of er iets beweegt op het scherm. Mensen die hier gevoelig voor zijn, kunnen dat storend vinden, zeker voor een langere periode. LCD-projectoren hebben dat probleem niet, maar ze zijn doorgaans groter en zwaarder. De algemene consensus is dat LCOS-projectoren doorgaans de beste kwaliteit leveren. Alleen zijn die nog groter, zwaarder en duurder dan DLP en LCD.
9) Is audio nodig?
Niet alle projectoren hebben audio ingebouwd, maar bij de toestellen die het wel aan boord hebben, kan het soms erg nuttig zijn. Vooral draagbare toestellen zijn gebaat bij deze extra. Als je geluid nodig hebt voor een presentatie of voor videobeelden, ga dan na of de ingebouwde audio luid genoeg is en ook kwalitatief zijn mannetje kan staan. Het alternatief is een apart geluidssysteem, wat vaak de beste keuze is voor home cinema’s of vast geïnstalleerde projectoren in bijvoorbeeld kantoren.
10) Hoe groot moet het geprojecteerde beeld zijn?
Ten slotte is er nog de ‘throw ratio’. De belangrijkste vraag hier is of je een ‘short throw’- projector nodig hebt. Dat betekent dat de projector de mogelijkheid heeft om eender welke afbeelding van een korte afstand op het scherm te tonen. Zulke projectoren stellen je in staat om grote beelden weer te geven in kleine ruimtes en ze verkleinen ook het risico dat mensen die voor de projector lopen het beeld blokkeren. Er zijn geen algemeen aanvaardbare definities over wat nu precies als short throw kan gezien worden, maar om een voorbeeld te geven: waar de meeste projectoren een beeld van twee meter van zo’n vier tot vierehalf meter afstand kunnen tonen, hebben de meeste short throw-projectoren daar maar één tot twee meter voor nodig. Ultrashort Throw-projectoren volstaan zelfs maar met een aantal centimeter. Omgekeerd bestaat ook; long throw-lenzen zijn geschikt voor grotere vergaderzalen en kleine auditoriums.
We onderscheiden 2 verschillende projectietechnieken
LCD (Liquid Chrystal Display)
LCD projectoren bevatten drie apparte LCD panelen (rood, groen en blauw). Deze drie gekleurde lichtstralen gaan elk door één van de drie LCD-panelen. Als het licht op het LCD paneel valt, kunnen individuele pixels geopend worden om het licht door te laten of worden gesloten om het licht te blokkeren. Door deze modulerende aan/uit wordt een beeld gecreëerd dat vervolgens via de lens geprojecteerd wordt. Deze 3LCD techniek is ontwikkeld door Epson.
DLP (Digital light Processing)
DLP is een door Texas instruments ontwikkelde techniek. Het werkt met kleine spiegeltjes die kunnen kantelen. Deze kunnen naar het licht toe kantelen en zo het licht weerkaatsen of deze kunnen van het licht wegkantelen waardoor er geen licht wordt doorgelaten. Om kleur weer te geven wordt er gebruik gemaakt van een snel draaiend transparant wieltje met daarop de primaire kleuren (rood, groen en blauw). Door hier op het juiste moment lichtstraaltjes door te spiegelen wordt er kleur verkregen.
Veel gebruikte USP’s
Resolutie
Het geprojecteerde beeld wordt opgebouwd uit beeldlijnen (pixels). Deze resolutie bepaalt de kwaliteit van het beeld. Hoe hoger de resolutie, hoe hoger de beeldkwaliteit.
Lichtopbrengst
De helderheid van een projector wordt aangegeven in ANSI Lumen. Hoe hoger de waarde, hoe meer licht de lamp van de projector produceert.
Contrast ratio
Contrast ratio geeft aan in welke mate de projector zwart, wit en de tussenliggende stappen kan weergeven. In een verduisterde ruimte is dit meer van belang dan in een verlichte omgeving.
Aansluitmogelijkheden
Projectoren kunnen diversie aansluitingen hebben. Let bij de aankoop op welke kwaliteit vanuit de bron moet worden weergegeven. Bijvoorbeeld bij een home cinema projector geeft input via een HDMI connector het beste beeld.
Mobiliteit
Projectors worden steeds compacter en lichter en zijn daarom makkelijk te vervoeren. Toepassingen worden steeds diverser. Mobiliteit kan dus een belangrijke factor zijn.
Lampduur
De levensduur van de projectorlamp geeft aan hoeveel uur de lamp minimaal meegaat. Indien de lichtopbrengst afzwakt, dient de lamp te worden vervangen. |